Ruud en Bien in Colombia travel blog

 

 

 

 

 

 

 


We zijn in een klein busje gestapt om Bogotá alweer te verlaten. Dan zie je pas hoe groot en uitgestrekt deze stad is. Als je naar buiten kijkt dan valt het op dat veel mensen hier met dikke truien en een soort skijacks lopen. Terwijl de meesten in onze groep in korte broek en T shirt of hemdje lopen. Colombia kent geen seizoenen en het is het hele jaar zo'n beetje dezelfde temperatuur. De mensen in dit hoge bergachtige deel van Colombia wonen vanwege de hoogte in het koudste deel van Colombia en daar hoort blijkbaar een soort winterkleding bij. Wij vinden 28 graden best meevallen.

Er is een enorm verschil tussen rijk en arm vertelt onze gids. We rijden in de buitenwijken van Bogotá inderdaad door villawijken met zeer grote huizen en dure auto's. Volgens onze gids hebben sommigen een indoor pool van Olympisch formaat. Voor de deur van de villa's zien wij soldaten de wacht houden.

Aan de andere kant van waar wij rijden is de weg afgesloten zodat er honderden racefietsers de heuvel af kunnen denderen op zondagmorgen. Ook mensen met geld zo te zien aan hun outfit en dure mountainbikes. Fietsen is hier inderdaad populair.

De lucht is hier erg vervuild en dat komt door de vele auto's. Het stadsbestuur had bedacht dat het handig was als op bepaalde dagen alleen de auto's met even kenteken zouden rijden en op andere dagen de oneven. Dus hebben alle mensen met geld er een auto bijgekocht. En mensen met minder geld een motor. Daar stikt het hier ook van.

Wat het milieu ook niet helpt is de corruptie. Onze gids vertelde dat de burgemeester van Bogotá niet alleen hoofd van het vervoersbedrijf is, maar ook met zijn familie eigenaar van een bedrijf dat in auto's handelt. Zo handelen ze ook in bussen die vanwege hun vuile motoren in hun eigen land niet meer mogen rijden. Daarom rijden er nu overal rochelende stink dieselbussen rond.

We rijden naar Zipaquira Salt Cathedral. Een eeuwenoude zoutmijn waar nog steeds zout wordt gewonnen. Er is onder de grond een kerk gebouwd. Ook zie je de hele lijdensweg van Christus in symbolen uitgebeeld. Anders dan je zou denken is het onder de grond groot en ruim met brede uitgehakte gangen. Zout was het betaalmiddel van de oorspronkelijke bewoners en die waren relatief welvarend.

Goud was ook overal in de grond te vinden maar dat was voor de sier. De Spanjaarden die hier de zaak later kwamen plunderen dachten daar iets anders over.

Na een paar uur rijden zijn we aangekomen in Villa de Leyva. Dit dorpje is beroemd omdat er nooit iets is veranderd. De plaatselijke priesters hebben alle moderniteiten tegen weten te houden. Het is door de Spanjaarden gesticht in 1572 en ziet er nog net zo uit. Afgezien van de souvenirshops en de restaurants.



Advertisement
OperationEyesight.com
Entry Rating:     Why ratings?
Please Rate:  
Thank you for voting!
Share |